Prijs en aanbod
Auto’s uit het bouwjaar 1977 bieden momenteel de beste balans tussen prijs en aanbod: de gemiddelde vraagprijs is € 10.950 en er zijn 7 beschikbare advertenties.
Bekijk hier de actuele prijzen voor de Triumph Spitfire : een overzicht en ontdek het beschikbare aanbod op AutoScout24 Lees verder




















Hier zie je de gemiddelde prijzen per bouwjaar en hoeveel advertenties er momenteel op AutoScout24 staan.
Laatste gegevensupdate: 04-10-2026
Auto’s uit het bouwjaar 1977 bieden momenteel de beste balans tussen prijs en aanbod: de gemiddelde vraagprijs is € 10.950 en er zijn 7 beschikbare advertenties.
Het grootste aanbod vind je momenteel bij auto’s uit bouwjaar 1977. Er staan 7 advertenties op AutoScout24.
| Bouwjaar | Gem. prijs | Advertenties |
|---|---|---|
| 1979 | € 12.750 | |
| 1978 | Geen gegevens | 0 advertenties |
| 1977 | € 10.950 | |
De Spitfire werd gelanceerd met de opgepepte motor die uit de Herald kwam. Zowel Mark I als Mark II kregen een 1.147cc motor die respectievelijk 63 en 67 pk leverde en de sportauto tot 150 km/u brachten. De Mark II was iets sterker door een andere nokkenas. Een MK II-motor herken je aan het uitlaatspruitstuk dat niet gegoten is maar gelast uit stalen buizen.
In de Mark III werd de motor nog wat verder opgeboord tot 1.296cc, wat 75 pk opleverde en een top van 160 km/u. De Mark IV had dezelfde cilinderinhoud, maar kwam maar tot 63 pk en een top van 155 km/u. De eerste versnelling kreeg hier wel een syncro.
De Mark IV kreeg dezelfde 1.300cc als de Mark III, belangrijker was dat de swing axle vervangen werd door de achtervering van de Vitesse, wat resulteerde in een betere baanligging.
Na de Mark IV volgde de 1500 die een 1.493cc mee kreeg, 71 pk produceerde en tot 160 km/u in staat was. De inlaat werd voorzien van grotere SU carburatoren en de overbrenging gebeurde via een verbeterde versnellingsbak.
De Spitfire was een klein fijn tweezits sportwagentje en meet daarom slechts 3.734mm in lengte, 1.448mm in breedte en 1207 mm in hoogte. De wielbasis bedroeg 2.108mm en de spoorbreedte kwam op 1.245mm. De kleine afmetingen zijn natuurlijk eveneens een groot deel van de charme van de auto.
Van de Spitfire werden vier varianten gebouwd; Mark I tot Mark IV. Daarnaast zag ook de GT6 het levenslicht, herkenbaar aan zijn motorkap met verhoging en gesloten koets. Zoals hierboven beschreven werd de motor bij iedere variant verbeterd. Hetzelfde geldt voor het interieur, dat bij iedere jongere variant iets beter doorontwikkeld werd, maar qua stijl wel min of meer trouw bleef aan de originele Mark I.
Reken voor een degelijke Spitfire €12.000 à €18.000. Prijzen tussen de Mark I tot IV verschillen niet ontzettend veel. De GT6 komt aan een premium van €6.000 à €8.000, ook hier weinig verschil tussen de verschillende Marks. Dit zijn voor occasion-sportauto’s op zich erg betaalbare prijzen, zoals je ziet. Ondanks z’n cultstatus is de Spitfire dus behoorlijk toegankelijk gebleven–dit maakt de auto zeer de moeite waard.
De Spitfire is herkenbaar aan zijn wegkantelende motorkap, een optie die ook al in de Herald werd gebruikt. Het ontwerp van de hand van Giovanni Michelotti en al in de vroege ontwerpfase was de uiteindelijke lijn van de Spitfire zichtbaar. Vanaf de Mark II kon je als optie centre lockwheels, en een hardtop bestellen. De Mark III had een hoger gemonteerde bumper, andere knipper- en stadslichten en een opvouwbare kap (eerder moest deze worden afgenomen en in de koffer geplaatst worden). Vanaf de Mark IV leek de achterpartij al meer op deze van de Triumph Stag, de zomerkap werd ook voorzien van een uitritsbare achterruit. De GT6 werd dan weer gekenmerkt door de vaste opbouw, en een verhoging in het midden van de motorkap om de grotere carburatoren de nodige ademruimte te geven.
De MK I had rubberen matten en een metalen dashboard. Vanaf de Mark II werd de Spitfire geleverd met tapijt en werden de metalen delen bekleed met vinyl en kreeg de auto betere stoelen. In de Mark III werden dit zelfs slaapstoelen. De Mark IV kreeg een dashboard waarin alle instrumenten voor de chauffeur zaten. Vanaf de 1500 kwamen er ook andere stoelhoezen en zelfs enkele schakelaars uit de TR7 op de stuurkolom gemonteerd.
Dit is kort gezegd geen veilige auto. Naast het feit dat het een oldtimer betreft, is het ook nog eens een cabriolet zonder rolbeugel. Niet in een auto ongeluk verzeild raken in dit model, met andere woorden.
De Britse auto-industrie was in de jaren zestig volop in beweging en stond nog voor zijn grote malaise, daarom is het met de Spitfire best gemakkelijk om te kijken naar equivalenten. Zo had elk Brits merk wel een tweezitter sportwagentje. Alleen al bij de Britse merken zien we een MGB, een MG Midget, een MG Sprite, een Austin Healey etc. Allemaal auto’s die met bescheiden middelen en cilinderinhoud de weg tot een autoparadijs maken.
Eind jaren zeventig werd de firma British Leyland, en de Britse auto-industrie in zijn totaliteit, geteisterd door een slechte economie, slecht management en gedemotiveerd personeel. De latere Spitfires waren hierdoor van slechte kwaliteit en bleken technisch niet betrouwbaar. Koop daarom beter een Mark III, of zelfs Mark II met overdrive.
Een Spitfire is zeker een laagdrempelige wagen die een aantal kenmerken heeft die het een ideale eerste oldtimer maken. Zo zijn de stukken goed verkrijgbaar en niet te duur. De mechaniek is toegankelijk en laat toe wat werk zelf te doen. Let wel op de structurele sterkte van het chassis bij aankoop. Klemmende deuren zijn absoluut te vermijden.





