Informatie over Bugatti Veyron
Met de Bugatti Veyron brengt VW een autolegende weer tot leven
Met supersportauto’s met een verkoopprijs van meer dan één miljoen euro is niet altijd geld te verdienen. De technische ontwikkelingskosten zijn te hoog en de geproduceerde series zijn te klein. De in dit voertuigsegment traditioneel vooraanstaande Italiaanse autofabrieken verloren daarom in de laatste decennia allemaal hun economische onafhankelijkheid en zijn vandaag de dag als prestigemerken onderdeel van grote concerns als Fiat met zijn merken Ferrari en Maserati. Het Volkswagen concern uit Wolfsburg was sinds 1998 naast de Turijnse autodynastie de tweede speler op de markt van superlatieve auto’s. Met het toetreden bij Lamborghini, waar VW-dochter Audi het voor het zeggen kreeg, stelden de Nedersaksen ook de naamsrechten van de Frans-Italiaanse autolegende Bugatti veilig. In de historische productiestandplaats Molsheim vestigde VW een nieuwe fabriek. In 2005 werd in de Elzas na bijna een halve eeuw voor het eerst weer een sportauto onder de oude merknaam geproduceerd: de Bugatti Veyron.
Met het Bugatti-project gaat VW op recordjacht
Het door VW-ingenieurs en designers bedachte model werd vernoemd naar autocoureur Pierre Veyron, die in de jaren ’30 talrijke successen geboekt had voor Bugatti. De naamskeuze en de verwijzing naar de autosport maakten duidelijk wat de nieuwe eigenaar van plan was: met de Bugatti Veyron moest een unieke auto ontstaan, die records moest breken en het imago van Volkswagen uit moest stralen. De enige voorwaarde die aan de rijeigenschappen gesteld werd was dat de auto aan de technische voorwaarden moest voldoen die nodig zijn om met het voertuig op straat te mogen rijden. Want ook al moest het Bugatti-project vooral een prestige karakter krijgen, de Wolfsburgers waren wel van plan om de kleine serie van 300 exemplaren aan de man brengen.
De Bugatti Veyron is met 407 km/u één van de snelste coupés ter wereld
Als technologiedrager mag de Bugatti Veyron misschien weinig deugdelijk lijken, daarvoor in de plaats liet de tweezitter coupé wel zien dat Volkswagen ook zonder Porsche in staat is om technieken te ontwikkelen die geschikt zijn voor de autosport. Het kernstuk van de vierwielaangedreven Bugatti Veyron met de forse ronde voorkant was de exclusief voor dit model gebouwde W-motor met 16 cilinders en een cilinderinhoud van 8 liter. Deze had een prestatievermogen van 736 kW (1001 pk). Hiermee was het mogelijk om een topsnelheid van 407 km/u te halen. Met deze waarden was de Veyron één van de snelste in serie geproduceerde auto’s ter wereld. Zijn aandrijvingskracht bereikte hij dankzij vier turboladers, met behulp van deze turboladers accelereerde de auto in 7,3 seconden van nul naar 200 km/u. Het duurde niet meer dan 2,5 seconden voordat de bestuurder van een Bugatti Veyron een snelheid van honderd kilometer per uur bereikte. Speciale banden, een uitklapbare achterspoiler en een hydraulisch systeem dat de carrosserie van de Veyron bij hogere snelheden liet zakken moesten ook bij extreme rijomstandigheden voor een veilige situatie zorgen. Voor het milieu was de raceauto echter minder goed: met een CO2-uitstoot van 960 g/km in het stadsverkeer en een brandstofverbruik van maximaal 100 liter per 100 kilometer haalde de Bugatti Veyron ook een negatief record.